Welkom

Inhoud

Inleiding

Andere tractie

Spoorwijdte

Producenten

Import & handel

Eigenaars

Materieel

Links

Contact

Nieuw

Zoeken

 

 

Stoomtractie smalspoor

Stoomtractie normaalspoor

Motortractie smalspoor

Motortractie normaalspoor

 

 

 

Wagonduwer

 

 

 

Oud: kruiwagen model                                                                                             

Het gaat om apparaten die lijken op een gemotoriseerde kruiwagen, met één groot aangedreven wiel, die tijdens het rijden door de bedienaar met twee handgrepen wordt vastgehouden. In rust staat het apparaat -behalve op het grote wiel- op twee pootjes (zoals bij een echte kruiwagen) of op twee kleine wieltjes. Er waren voornamelijk twee fabrikanten.

 

Locopulseur

← De “Locopulseur” werd gefabriceerd door Ateliers de Construction de Jambes-Namur in België [1].

 

Een soortgelijk apparaat is te zien in het Spoorwegmuseum van Treignes (B), bij de museumlijn CFV3V. Het grote wiel heeft een speciale band die als het ware om de rail heen stulpt en zo het apparaat in het spoor houdt. Via een stempel die van onderen tegen de bufferbalk van de eerste wagen wordt geduwd, wordt een deel van het wagengewicht overgenomen ter verhoging van het eigen gewicht van 0,22 ton. In een ongunstig geval gaat het om een lichte, onbeladen wagen met bijvoorbeeld een eigen gewicht van 10 ton. Door die wagen in één hoek iets op te tillen, neemt de Locopulseur maximaal 2,5 ton gewicht over, dus meer dan een vertienvoudiging van het eigen gewicht. Er bestaat geen gevaar voor ontsporen, want de veren houden het wiel in de opgetilde hoek op de rails. De wrijvingscoëfficiënt van rubber op staal is onder normale omstandigheden circa 0,66 (voor staal op staal is dat 0,25). De maximale duwkracht is dan 0,66 x (2,5 + 0,22) = 1,8 ton (de fabrikant geeft zelfs 2,5 ton op).

De Locopulseurs werden – afhankelijk van het model - aangedreven door een 6 of 11 pk ééncilinder benzinemotor. De maximale snelheid was 6 km/uur. De Nederlandse importeurs van de Locopulseur waren Stokvis enBemo, in elk geval in 1954, resp. 1972. Rond 1985 was ODS importeur [2]. Volgens de folder van de fabrikant waren er – verspreid over 15 landen - duizenden locopulseurs in gebruik en waren er firma’s die er 4, 5 en zelfs 10 hadden. Wat betreft Nederland is bekend dat de NS Wagenwerkplaats in Amersfoort in 1977 zo’n Locopulseur kocht [2].Volgens NS Transport Voorlichting was het moeilijk en gevaarlijk een wagonduwer vanuit het ballastbed op een spoorstaaf te krijgen. Daarom werd aanbevolen wagonduwers alleen op bestrate terreinen te gebruiken. Dat is ook wel voorstelbaar als men in de tekening links ziet hoe de rangeerder op de mogelijk gladde spoorstaaf balanceert.

 

Wentscher.jpg

 

DSC04849.JPG

↑ Soortgelijke wagonduwers werden door het Duitse ILO geproduceerd[1]. Het kleine wieltje uiterst links op bovenstaande tekening diende waarschijnlijk als steun om het grote wiel op de spoorstaaf te krijgen.

 

ILO is een woord in de kunstmatige taal Esperanto en betekent apparaat. De gestyleerde I wordt vaak voor een J aangezien. ILO was vooral bekend van tweetaktmotoren voor motorfietsen en bromfietsen.

 

← De MBS (Museum Buurt Spoorwegen) in Haaksbergen heeft een ILO wagonduwer. De voorgaande eigenaar is onbekend. De foto’s links zijn door MBS archiefmedewerker Jan Haarink in 2011 gemaakt. Op de bovenste foto is te zien dat het apparaat in rust mede op twee uitklapbare pootjes staat. Het grote wiel is verborgen in een grijze “bol”, die op de onderste foto in detail te zien is. De benzinemotor (zie de koelribben onderin de foto) is er tegenaan gebouwd en ook de stempel (linksboven) die tegen de bufferbalk van de wagen wordt geduwd is op de bol bevestigd. Het benzinetankje (zie tekening) ontbreekt echter.

Zie ook hier.

 

Wat de ILO wagonduwer vooral onderscheidt van de Locopulseur is de ring om de bol, waaraan de stangen met de handgrepen zijn bevestigd. Deze ring is te verdraaien met het “stuurwiel” naast de rechterhandgreep. Dat maakt het mogelijk dat de stangen met de handgrepen (en bedieningsorganen) een kwart slag gedraaid worden. De rangeerder kan dan naast het spoor lopen en heeft beter uitzicht. Ook kan men zo tussen twee wagens komen en deze uit elkaar drukken [3]. Zie ook:   

 

DSC04850.JPG

 

-

heer met hoed rangeert met ILO wagonduwer op de Hannover Messe in 1954. Hij plaatst zijn voeten aan weerszijden van de spoorstaaf.

 

-

heer (bloothoofds) rangeert met ILO wagonduwer; dankzij de draaibare ring loopt hij met beide voeten naast het spoor.

 

De uitvoering van de wagonduwer is enigszins verschillend op de twee foto’s van de bovengenoemde links.

 

 

De ILO wagonduwer werd in 1955 op de Jaarbeurs in Utrecht getoond .

Foto: “Raakt werken uit de mode ?” in Tussen de Rails (het NS-blad dat niet uit de trein mocht worden meegenomen) derde jaargang (1954/55) nr. 5, p. 34 

 

 

Terwijl op bovenstaande kleurenfoto’s bij de MBS de ring om de bol zodanig gedraaid is dat de handgrepen evenwijdig aan het spoor zijn (net als bij de Locopulseur), is op de zwart-wit foto de ring een kwart slag gedraaid, zodat de handgrepen loodrecht op het spoor staan en daar buiten uit steken. De rangeerder kan nu buiten het spoor lopen en heeft dan een goed uitzicht langs de trein, maar hij moet dan wel in krabgang lopen.

 

Met wagonduwers kunnen ook draaischijven bediend worden [3].

TussenDeRails ILO Jaarbeurs 1955 a.jpg

 

De Nederlandse importeur van de ILO wagonduwer was tot en met 1959 Orenstein & Koppel in Amsterdam. Zie Figuur 151 in dit boek. Volgens een interview in het blad “Mechanisch Transport” van maart 1971 waren wagonduwers voorzien van een zandstrooier. Overigens meende O&K dat er op dat moment geen wagonduwers meer in gebruik waren. Nadat ILO de productie van de wagonduwer gestaakt had, werd die overgenomen door de firma Allrad in Heiligenhaus.

Minstens zes Nederlandse bedrijven hebben een ILO wagonduwer gebruikt:

 

de al in dit boek genoemde vier bedrijven: de Benzine en Petroleum Handelsmij. in Amsterdam, het Centraal Bureau (later Cebeco) aan de Rijnhaven in Rotterdam, Philips in Eindhoven en Aga Radiatoren (thans Stelrad) in Nuth hadden al in of voor 1954 een ILO wagonduwer [4].

 

de Nederlandse Exportpapierfabriek aan de Tollensstraat in Nijmegen (dat is aan de Spoorkuil)

De productie werd overgebracht naar Cuijk nadat het bedrijf in 1970 was opgenomen in de Bührmann Tetterode groep.  Op 10 februari werd de inventaris geveild. Volgens een advertentie in de Telegraaf bevond zich daarbij een ILO wagonduwer 6/3000. Deze aanduiding kwam op de fabrieksplaten voor. De 6 slaat met zekerheid op de 6 pk van de motor; 3000 zal dan het bijbehorende toerental zijn.

 

Philips in Maarheze (informatie van Erikjan Sachse)

De ILO voldeed niet op de in 1962 geopende spooraansluiting omdat de af te leggen afstanden groot waren en het rangeren daarom lang duurde.

 

Ook de Leidse gasfabriek toonde belangstelling voor een wagonduwer [4]. Die werd niet gekocht maar zo is wel bekend [4] dat een 6 pk ILO wagonduwer 140 ton treingewicht kon verplaatsen en f 5700 kostte. Een Locopulseur was iets duurder, namelijk f  5860. Ter vergelijk: de prijzen van de goedkoopste nieuwe locs voor normaalspoor waren het O&K type MV2 voor f 33.400 en het Deutz type A2L514 voor f 29.950 [4].

Blijkens een advertentie in het Nieuwsblad van het Noorden van 13-07-1959, waarin de tweede openbare verkoping van de inventaris werd aangekondigd, beschikte de NV Allan’s & Co Koninklijke Nederlandsche Fabrieken van Meubelen en Spoorwegmaterieel over een “Morris wagonduwer”. Het is niet duidelijk wat daarmee bedoeld werd.

 

 

Variant: accu’s

 

Jaeger folder

 

↑ De firma Jäger leverde (en levert) een wagonduwer die op accu’s werkt ↑

 

Het apparaat werd – althans in de folder [2] – gehanteerd door een dame, kennelijk om aan te tonen dat de bediening licht was. Het apparaat heeft twee grote wielen en wordt niet op, maar naast de rails gebruikt. Dat is lang niet overal mogelijk.


De firma Ernst Wentscher (alias Allrad) in Heiligenhaus leverde ILO’s, die op accu’s werkten.

 

Variant: smalspoor

Marius van Rijn stuurde de onderstaande, in 1928 gemaakte prachtige foto uit zijn collectie. Het betreft de anno 2011 nog steeds bestaande margarinefabriek van Van den Bergh en Jurgens in Rotterdam, gezien op de hoek van de Roentgenstraat en de WZ Nassauhaven. Melkbussen worden aangevoerd met vrachtauto’s en RTM wagen 691, die staat op het in 1953 opgebroken RTM raccordement (smalspoor dus) dat van de Rosestraat door de Roentgenstraat naar de Nassauhaven liep ↓

 

RTM vd Berg en Jurgens 1928.JPG

 

RTM vd Berg en Jurgens 1928 detail.jpg

Bij vergroting blijkt dat met een wagontrekker met accu’s gerangeerd werd. Het detail toont een éénassig wagentje. Hulpwieltjes bij de vier hoeken maken het mogelijk het wagentje ergens neer te zetten. Aan één kant (die van de twee heren) zitten handgrepen. Tijdens bedrijf wordt de de wagontrekker bij die handgrepen vastgepakt, zodat dat alle vier hulpwieltjes los van de grond komen. Aan de andere kant is de kabel bevestigd waarmee de wagons getrokken werden. Vlakbij het bevestigingspunt voor die kabel lijkt een nummerbord te zitten, met het nummer H 21705. Het blijkt [5] dat de nummerbewijzen H 21702 t/m 21707 – dus inclusief H 21705 - op 13 november 1920 zijn uitgereikt aan N.V. van den Bergh’s Vervoer Maatschappij, Nassaukade 3 te Rotterdam. Daarvan is alleen 21703 op 15-05-1935 doorgestreept; de wagontrekker was toen dus kennelijk nog aanwezig. Bijzonderheden van het voertuig (zoals fabrikant en bouwjaar) ontbreken. Bovenop het voertuig lijkt een lamp geplaatst te zijn.

 

Opmerkingen:

 

-

Het voertuig was niet aan spoor (wel aan bestrating) gebonden, dus misschien werd er ook mee gerangeerd op de NS-aansluiting van de margarinefabriek, die ook in de bestrating lag.

-

Dat van den Bergh’s Vervoer Maatschappij op 13 november 1920 zes nummerbewijzen kreeg, wil niet zeggen dat er zes van deze wagontrekkers waren. De andere nummerbewijzen slaan waarschijnlijk op vrachtwagens.

 

Moderne tijden

De Duitse firma Zagro levert verschillende rangeermiddelen, die op de aloude wagonduwer lijken.

 

 ZagroMini

 

ZagroMiniPrincipe 

Zagro Mini Rangierer [5]

 

← ↨ De Duitse firma Zagro levert de Mini Rangierer, die uit de verte op een oude wagonduwer lijkt. Bij nader inzien is er echter geen sprake meer van een geprofileeerde band. Een wiel van de te verplaatsen wagen wordt hydraulisch geklemd tussen twee kleine geprofileerde rollen (rood op de detail foto). Deze rollen worden aangedreven en zorgen zo voor de voortbeweging. De andere rollen (grijs op de detail foto) zorgen voor de afsteuning van het apparaat. Tijdens het bewegen van de wagon zijn de twee wielen met rubberbanden (die gebruikt worden bij het rijden naar of van de wagon) ingetrokken. Die wielen ziet men goed op de tekeningen hieronder.

 

Van de Zagro Mini Rangierer is volgens KOKS Milieu- en Voertuigtechniek bv – Zagro importeur in Nederland en België – nog geen exemplaar in Nederland verkocht. Meer succes hebben de hieronder te bespreken Zagro Maxi Rangierer en de elektrische variant, de E-Maxi.

 

Tekening ZagroMini

 

 

Zagro Maxi Rangierer

Het principe van de Zagro Maxi Rangierer wijkt sterk af van het principe van de Zagro Mini Rangierer. Maar ook de Maxi Rangierer doet aan de aloude wagonduwer denken, omdat het apparaat door de meelopende bediener via een boom bediend wordt. De maximum snelheid is dan ook 5 km/uur. Afstandsbediening is wel mogelijk, maar wordt niet toegepast op de drie in Nederland aanwezige exemplaren.

 

 

        MaxRangiererZij.JPG

De Maxi Rangierer is een rail-wegvoertuig in die zin dat er ook buiten het spoor mee gereden kan worden. In de maatschets links zijn de wegwielen uitgetrokken, zodat de vier spoorwielen de grond niet raken. Als wegvoertuig is de Maxi Rangierer een driewieler, met een niet aangedreven bestuurbaar wieltje aan de voorkant (zie ook de foto hieronder) en twee grote aangedreven wielen voorbij het midden. Naar keuze wordt de Maxi Rangierer geleverd met de wegwielen:

- evenwijdig aan de spoorwielen (de maatschetsen links) òf

- loodrecht op de spoorwielen (de maatschets hieronder rechts).

Dit laatste kan van voordeel zijn als men de Maxi Rangierer op een smal bestraat stuk in het spoor brengt.

 

MaxRangiererBovenParallel.JPG

 

MaxRangiererBovenLoodrecht.JPG

 

 

Er zijn drie Maxi Rangierers in Nederland, namelijk bij:

 

-

 

 

-

-

Shunter aan de Waalhaven in Rotterdam. Het is op de rolbrug van Shunter een groot voordeel dat de Maxi Rangierer (met 20 pk Honda motor) zo kort is. Zie Figuur 198 in dit boek  en zie ook hier.

de firma Arkema in Vlissingen-Oost.

Nedtrain: Zagro fabrieksnummer 80036 is in 2004 aangeschaft voor de locatie Nijmegen - om treinstellen "onder de draad" naar de hoogwerker te slepen om bijvoorbeeld "schuitjes" te verwisselen - en is later naar Hengelo verplaatst om daar de veel lichtere LINT treinstellen in en uit de loods te rijden.

 

MaxiRangiererZwolle.jpg

← Op 28 mei 2010 vertoefde deze Maxi Rangierer van Nedtrain bij de bijna opgeheven Nedtrain werkplaats Zwolle. De 20 pk Honda benzinemotor (rood) drijft een oliepomp aan. Van die (niet zichtbare) pomp lopen olie-leidingen naar de hydromotoren van de spoorwielen (met rubberen loopvlakken). Linksonder ziet men het bestuurbare, niet aangedreven wegwieltje; de grote aangedreven wegwielen zijn niet te zien. Rechts van de motor is de benzinetank (zwart) gemonteerd. Er kan ook gekozen worden voor een Lombardi tweecilinder 15 pk dieselmotor of een Honda 20 pk gasmotor.

 

MaxiRangiererZwolle fabrieksplaat.jpg

 

MaxiRangiererZwolle C.jpg

 

 

Bovenop de Maxi Rangierer bevindt zich een draaibare kop. Daaraan is aan de ene kant een staak (geel) met een Scharfenberg koppeling bevestigd. Uiteraaard wijst de staak normaliter in de richting van het spoor, zodat met een treinstel gekoppeld kan worden. Door de kop 180 ° te draaien kan ook aan de andere kant gekoppeld worden. Een andere gele staak met een wagenkoppeling ligt los op de machine.

Verder is aan de kop een boom (blauw) voor de bedieningsman bevestigd. Met de hendel op de boom kan gekozen worden voor vooruit of achteruit. De boom staat normaal dwars op het spoor, maar is 90 ° draaibaar.

Het eigen gewicht is 2 ton. Dankzij de rubberen loopvlakken op de spoorwielen kan toch een trein van 200 ton getrokken worden.

 

 

Zagro E-Maxi

Een relatief nieuwe ontwikkeling is de Zagro E-maxi.  De E slaat op elektrische aandrijving met accu’s. De E-maxi is een nieuw ontwerp; het is dus geen Maxi Rangierer waarin alleen de verbrandingsmotor door een elektrische aandrijving is vervangen.

 

E-Maxi in Tilburg.JPG

 

E-Maxi met ICE.JPG

Er zijn momenteel zeven E-Maxi’s in Nederland:

 

Locatie

Bouwjaar

Fabrieksnr.

Opmerkingen

 

Nedtrain Haarlem

2007

2008

 

2 stuks

 

Nedtrain

Eindhoven

2007

 

 

 

Nedtrain

Maastricht

2007

 

 

 

Nedtrain

Tilburg

2008

2008-60804

Zie foto links met Class 66 loc van Euro Cargo Rail

 

HTM

Den Haag

2011

Zie hier.

 

Via *

2013

XL voor materiaaltransport bij afbouw Noord/Zuidlijn

 

De importeur van Zagro 7] voor Nederland en België is KOKS Milieu- en Voertuigtechniek [7, 8].  

 


                Foto’s: [7]

 

Net als de Maxi Rangierer heeft ook de E-Maxi een draaibare kop, waaraan een staak met een koppeling en een boom voor de bediening is bevestigd. Als optie kan de E-Maxi op afstand bestuurd worden.

Na de E-Maxi zijn nog kleinere en grotere varianten geïntroduceerd: E-Maxi S, L en XL. Omdat die in Nederland (nog) niet voorkomen, worden ze hier (nog) niet besproken.

 

 

Anders dan bij de Maxi Rangierer geschiedt de voortbeweging door vier wegwielen met rubberen loopvlakken, zowel in het spoor als daarbuiten. Bij gebruik als railvoertuig laat men vier spoorgeleidewieltjes in de rails zakken.

 

 

EmaxiWielen.jpg

← Bij opgetrokken spoorgeleidewieltjes kan elk wegwiel maximaal 135° verdraaid worden, zie de foto (uit een Zagro folder). Dat is mogelijk omdat elk wiel door een eigen elektromotor van 5 kW  wordt aangedreven.

 

 

Het vermogen is 4 x 5 = 20 kW ofwel 28 pk. Het gewicht is 3,5 ton. De E-Maxi is daarmee zwaarder dan de Maxi Rangierer (20 pk en 2 ton), maar toch is de opgegeven trekkracht hetzelfde (200 ton treingewicht).

 

 

E-Maxi totaal tekening.JPG

 

 

 

Zie ook:

-een video van de E-Maxi.

 

 

 

Opmerkingen

*

Via is een combinatie van Visser & Smit Bouw en Imtech Building Services. De Zagro E-Maxi-XL is op de beurs Railtech 2013 in Amersfoort getoond:

 

Railtech 2013 010.JPG

 

-

Behalve de Mini Rangierer, Maxi Rangierer en E-Maxi en Unimogs met spoorinstallatie levert Zagro al sinds 1974 nog een opmerkelijk tractiemiddel, namelijk een lorrie die wordt aangedreven door een er op te plaatsen vorkheftruck en die vaak kortweg met Zagro wordt aangeduid.

 

 

Met dank aan:

Frank Meereboer en Matthijs Bokma (beiden Koks MVT in Alkmaar), Jan Brinks (Nedtrain), Jan Haarink (MBS) en medehobbyisten Jan Roos, Hendrik Bouwknegt, Marius van Rijn en Erikjan Sachse.

 

 

Bronnen

[1]

Folders uit het archief van de firma Logitech (voorheen NS Transportvoorlichting)

 

[2]

Wagonduwer voor Amersfoort”, NS personeelsblad De Koppeling, 24 juni 1977.

 

[3]

H.F. Enter, U moet rangeren!, Spoor- en Tramwegen nr. 22, 27 oktober 1955.

 

[4]

Stedelijk Gas- en Electriciteitsbedrijf na 1930, Regionaal Archief Leiden, inventarisnummer 411.1

 

[5]

Nationaal Archief, 3.02.41 inv. nr. 5: Registers van de nummerbewijzen van de Provincie Zuid-Holland

 

[6]

Diverse folders van Zagro

 

[7]

http://www.zagro.de/

 

[8]

Informatie van Frank Meereboer en Matthijs Bokma (beiden Koks MVT in Alkmaar) en http://www.koksmvt.com/rail-wegvoertuigtechniek

 

[9]

Jan van Huijksloot; “De evolutie van de rail/wegtechniek”; Railmagazine 275 (juni 2010), pp. 52-55.

 

[10]

Productboekje Rail-/ Wegvoertuigen van KOKS Milieu- en Voertuigtechniek.

 

 

 

 

 

{

Andere tractie

 

Terug/verder naar:

 

 

Nieuw                                    Home                                         Inhoud